Babyzwemmen

Op een speelse manier de band tussen ouder en kind versterken

 

Nieuws

Actie recreatief zwemmen 19 aug t/m 15 sep

 

Zwem-ABC

In kleine groepen spelenderwijs leren zwemmen!

1
1

Spelregels squashbond Nederland

Squash is een zeer dynamische sport die wordt gespeeld door meerdere spelers met een racket en een bal op een afgesloten baan. Het enkelspel wordt gespeeld door twee spelers en het dubbelspel door vier spelers. Om dit spel veilig, eerlijk en sportief te laten verlopen heeft de World Squash Federation regels voorgeschreven.

Alle toernooien en wedstrijden die door de Squashbond Nederland worden georganiseerd hanteren deze regels. Ook adviseert SBN alle andere organisatoren van squash wedstrijden geadviseerd deze regels ook te hanteren. Zo blijft de sport veilig, eerlijke en sportief.

De spelregels in een notendop

1. Puntentelling

Over het algemeen wordt squashwedstrijden in een ‘best-of-five’ gespeeld. Degene die dus het eerste drie games wint, is de winnar van de partij. Een game wordt gewonnen bij minimaal 11 punten en met minimaal 2 punten verschil. In squash geldt de ‘point-per-rally’ telling. Dat betekent dat ieder gewonnen punt wordt geteld op het scorebord. Ook als je niet aan service bent. Bij puntwinst op eigen service moet er gewisseld worden van kant. Wanneer er voor de eerste keer geserveerd wordt, mag de serveerder een kant kiezen.

2. In of uit

Als de bal boven de bovenste lijnen wordt geslagen is hij uit en is het punt verloren. Ook wanneer de bal op het onderste gedeelte van de voormuur komt is de bal uit. Dit gedeelte heet de tin en is meestal van een ander materiaal gemaakt zodat het duidelijk hoorbaar is wanneer de bal hier op terecht komt. Tijdens het serveren moet er met minimaal één voet in het servicevak worden gestaan. De service moet ook altijd boven de middelste lijn uitkomen, anders is de service uit. Wanneer je de balt terugslaat mag de bal mag zo vaak de achterwand of zijwand raken als mogelijk, zolang de bal maar niet op de grond stuitert voordat de voormuur is geraakt. Anders is het een punt voor de tegenstander.

3. Let, stroke, turning & no let

Om de veiligheid van de spelers te waarborgen zijn de Let, stroke, turning & no let in het leven geroepen.

Let

Er wordt een let gespeeld wanneer de tegenstander net buiten de driehoek tussen de speler en de voormuur staat. De tegenstander belemmert de slag niet, maar er zou een kans kunnen zijn dat hij geraakt wordt. Bij een let speel je het punt over.

Stroke

Bij een stroke staat de tegenstander in de slag van het racket of in de directe driehoek tussen de speler en de voormuur. Het is dan niet mogelijk én gevaarlijk om de bal te slaan. De tegenstander ontneemt daarmee de kans om het spel voort te zetten en verliest het punt.

Turning

Soms komt het voor dat de bal op een bijzondere manier via de muur en/of achterwand stuitert, dat de speler om de eigen as moet draaien om de bal te slaan. Doordat een speler de oriëntatie en de positie van de tegenstander kwijt kan zijn, is het risicovol om de bal te slaan. Daarom moet er met een turning altijd een let worden gespeeld.

Tijdens een wedstrijd zal de scheidsrechter beslissen of het let, stroke of no let is. Speel je zonder scheidsrechter en kom je er met de tegenstander niet uit? Wees dan sportief en speel een let!